De uitspraken gedaan betreffende de bodemclausule zijn definitief welke vóór 9 mei 2013 zijn uitgesproken en worden dus niet herzien, en kan men niet met terugwerkende de uitspraak van de Rechtbank van het Europees Hof toepassen welke deze clausule nietig had verklaart en de banken veroordeelde tot het teruggeven van de bedragen geïnd voor dit onderdeel.

Zo wordt dit weergegeven in de Uitspraak gedaan laatstleden 4 april, waar de Sala Primero van het Tribunal Supremo zijnde een aanklacht die niet aanvaardt werd ter behandeling waar de bedoeling was om een uitspraak die definitief was en genoteerd was geworden door de Rechtbank van Eerste Instantie nummer 1 van Torremolinos in October van 2016.

De aanklagers weerlegden dat de uitspraak van de Rechtbank van Europees Hof van 21 december 2016, met betrekking tot de effecten met betrekking tot teruggave van de nietigverklaring van de bodemclausule, een “document” is dat moet toegelaten worden voor het herzien van een uitspraak dat voorafgaandelijk definitief was waarin er alleen wordt veroordeeld tot de teruggave van het teveel betaalde wat het hoofdonderdeel was van de uitspraak van het Hooggerechtshof van 9 mei van 2013.

In deze beslissing, het Hooggerechtshof besliste tot teruggave van het geïnde voor de bodemclausule, maar alleen de geïnde vanaf deze datum en niet van voorheen. Het Europees Hof van Justitie wijzigt deze uitspraak, besluitend dat men alle geïnde bedragen dient terug te geven op basis van de buitensporige clausule, onafhankelijk van wanneer men heeft gestart met de ining ervan.

Bodemclausule

Hoe dan ook, het Hooggerechtshof beschouwt dat, in overeenstemming met het zijn van vaste rechtsspraak, het niet mogelijk is het bekomen van een herziening van een definitieve uitspraak voor het feit dat een latere uitspraak een tegenspraak vaststelt welke niet samengaan met de argumenten die fundamenteel waren voor het besluit van de voorgane rechtszetting.

Diengaande beredeneert men dat de vorige uitspraak niet “een document” is dat gevolg heeft op de voorziene aanpassing die de aanklachten hebben voorzien in de herziening van de Wet van Burgelijke Rechtsvordering.

 

Scroll naar boven