Het Hoofgerechtshof heeft veroordeeld met het vonnis van 04/05/2015 en met vonnisnummer 1281/2014, aan een firma van tijdelijk werk (ETT) voor het niet nemen van de nodige maatregelingen voor het voorkomen van een werkongeval van een werknemer. Deze dient aan de vrouw, gezamelijk met de firma waarvoor ze werkte, een schadevergoeding betalen van 184.021 euros, plus intresten tot de datum van het presenteren van de klacht, van welke de verzekeringsmaatschappij 90.000 euro zal storten.

De vrouw tekende drie contracten met ETT om te werken in de productie van een fabriek dat kartonmateriaal maakt en ontwerpt. Het ongeval gebeurde op 15 juni 2007, wanneer, waarvan men niet de reden weet, veronderstellend om het stuk karton beter te plaatsen, de hand onder de bescher-ming van het apparaat”contracoladora” plaatste en ze bleef gevangen tussen de rollen die het karton persen. Een andere arbeider stopte het apparaat, indrukkend de knoppen bij noodgevallen, maar de vrouw kon haar hand er niet uithalen totdat de rollen uit elkaar werden gehaald.  Het ongeval bracht een “ernstig letsel op door het platdrukken van het linkse bovenste lidmaatschap”.

Het bedrijf schrijft het ongeval toe aan het afgeleid zijn of het gebrek aan oplettendheid vanwege de werkneemster die haar hand onder het apparaat stak, zonder het respecteren van de limieten die er zijn voor de vaste bescherming.

Werkongeval

De Sala de lo Social gaf gelijk aan het hoger beroep ingesteld door de werkneemster, en annuleerde de uitspraak van Hooggerechtshof van Justitie van Madrid, van 30 december 2013, waarin de aanklacht was geweigerd, waar men vroeg tot schadevergoeding voor de schades veroorzaakt door het werkongeval en vrijspraak aan de twee bedrijven en de verzekeraar.

De uitsraak van “Tribubal Superior van Justitie van Madrid”, die bevestigde de uitspraak, vasthoudend dat er  geen verantwoordelijkheid bij de zaakvoerder lag daar de machine de correcte was en de werkneemster hiervoor de nodige opleiding en informatie had gekregen om hier mee te werken. Hierbij ging deze uit van de verslagen opgemaakt door een expert die bevoegd was bij het ongeval, welke gebeurde het laatste uur van de werkdag, op vrijdag, welke fisiek en mentaal de werkneemster vermoeid was.

Echter, la Sala de lo Social heeft nu in deze uitspraak deze stelling ingetrokken, beschouwend dat de ondernemer zijn verplichtingen niet had nagekomen aan de werkneemster om deze een aangepaste beschermingen zake veiligheid en higiëne te bezorgen door niet aan te tonen dat de aanpassingen waren gebeurt zijnde ” de voorzorgen inzake noodzakelijke bescherming, eender welke die er kunnen zijn “om een ongeval te voorkomen; gezien de niet-bescherming van de werkneemster “ten opzichte van de eigen verwaarlozen en onvoorzichtige niet-vermetelheid.”

De uitspraak, welke is gebeurt door de magistraat Fernando Salinas, bevestigde dat aan de werkneemster het toekwam, volgrns zijn mogelijkheden, toe te zien dat zijn werk voldoet aan de wettelijke maatregelingen en reglementaire veiligheidsnormen. Voegt eraan toe dat het bedrijf een geschikte controle moet verrichten betreffende het nakomen vanwege de werkenemers van de preventieve normen, ” niet handelend vanuit een formele verplichting dat men vervult aantonend dat men beschikt over een gedetailleerd veiligheidsplan en gezondheidsplan, als niet aangetoond zijn dat dezelfden efectief zijn toegepast en dat de desbetreffende arbeiders niet volldedig waren ingelicht, het niet voldoende is om een pakket van veiligheidsnormen te overhandigen of andere aangepaste maatregelingen als men niet navolgt betreffende de doetreffenheid van hun gebruik of niet op de correcte wijze gebruik van wordt gemaakt”

La Sala de lo Social verklaart dat de medegedaagden- het bedrijf van tijdelijk werk en de daadwerkelijke firma – niet hebben aangetoond “te hebben uitgeput alle zorgvuldig, verder-gaand dan – inbegrepen- de bestaande regelingen” om een ongeval te voorkomen.  In deze zin bevestigd men dat het niet voldoende was met een teoretische en praktische opleiding dat het bedrijf van tijdelijk werk had gegeven aan de werkneemster en dat de verantwoord-lijkheid verlegt wordt naar het eigenlijke bedrijf daar deze niet alle mogelijkheden heeft uitgeput betreffende de zorgplicht over het gebruik van de machine, dat alhoewel formeel gezien het passend leek, deze niet automatische stopte wanneer deze vastgeraakt en men toelaat van het inbrengen, alhoewel niet op de correcte plaats, tot een arm van een werkneemster toe, zonder dat deze stopt.

Scroll naar boven