Het Constitutionele Tribunaal heeft uitspraak gedaan 196/2.013 op 2 april, heel interessant voor dit advocatenkantoor CBL Spaanse Advocaten en hopelijk voor vele lezers van onze artikelen aangezien het een van onze clientes van Duitse nationaliteit beïnvloed met een identieke zaak die te maken heeft met juridische vervolging van de ontvoering van minderjarigen.
Onlangs maakten we het nieuws bekend van een verkregen beslissing door het Gerechtshof van Benidorm in het voordeel van een Duitse cliente van dit Spaanse advocatenkantoor die destijds haar dochter meenam naar haar land Duitsland, zonder medeweten van de vader met wie ze niet getrouwd was en ze was aangeklaagd door de vader van het meisje voor het misdrijf van ontvoering van minderjarigen, een zeer zwaar misdrijf.
In het beroep van onze strafpleiters van CBL Spaanse Advocaten werd gebleven bij het feit dat er geen sprake was van het misdrijf ontvoering van minderjarigen omdat in paragraaf 2.2 van artikel 225 bis del CP, wordt aangegeven dat wil de aanklager dit gebruiken als bewijs hij maatregelen met betrekking tot zijn dochter had moeten nemen via een gerechtelijk of administratief bewijs wat niet het geval was in deze zaak

Zoals we al hebben aangegeven het Gerechtshof stelde ons in het gelijk en de vader is in hoger beroep gegaan; maar wat ons zeer tevreden stelt is de recente uitspraak van het Constitutionele Tribunaal die de zaak heeft opgelost.

Wat er door het Constitutionele Tribunaal wordt gezegd is dat het niet mogelijk is om de vrijwilligheid en het bewustzijn van de beklaagde te negeren enkel wanneer er een gerechtelijke of administratieve uitspraak in het voordeel van de aanklager is. Voor zover dat er niet is kan er niet gezegd worden dat de beklaagde een misdrijf begaan heeft.
Ontvoering Minderjarige
Het Constitutionele Tribunaal zegt dat de gerechtelijke organen in Artikel 225 2.2 bis CP een uitbreiding van straf verbieden die verder gaat dan de algemeen vastgestelde norm, welke reflecteerde in het in kaart brengen van de intenties van de eiser.
Men kan niet de intentie of de vrijwilligheid hebben om dit misdrijf te plegen als de aanklager geen gerechtelijk of administratief bewijs heeft om dit te onderbouwen.
Ten slotte zijn voor het Constitutionele Tribunaal de algemene ouderlijke rechten zoals vastgesteld in de burgerlijke wetgeving niet voldoende, aangezien het noodzakelijk is om via juridische of administratieve weg vast te leggen welke bevoegdheden worden toegewezen aan welke ouder.
Wegens het ontbreken van deze vastlegging heeft het Constitutionele Tribunaal besloten om de aanklacht te annuleren naar aanleiding van Artikel 225 2.2 bis del CP.
De strafpleiters van CBL Spaanse Advocaten staan tot uw beschikking om uw vragen te beantwoorden op het gebied van strafrecht of welke andere specialiteit dan ook van dit advocatenkantoor die al 31 jaar activiteiten uitvoert in heel Spanje.
Scroll naar boven